Hoofdgerecht voor 4 personen
Witte bonen en amandelen vormen een verfijnde smaakcombinatie. Verrassend in de soufflé én de salade.
Fruit in een pan de sjalotten en knoflook zachtjes 3 minuten in de 2 eetlepels olie. Bak de gemalen amandelen heel even mee. Schep de bonen en tijm erdoor en schenk zoveel water op, dat de bonen 2-3 cm onder water staan. Kook de bonen in ca. 1¼ uur zachtjes gaar. Voeg halverwege de kooktijd wat zout toe.
Verwijder de tijm, giet het vocht af en pureer het bonenmengsel met 3 eetlepels van het opgevangen vocht en de mascarpone tot een dikke puree. Roer er 1 eetlepel azijn door. Proef en voeg eventueel nog wat zout en peper toe. Wrijf de bonen door een zeef. Bewaar de inhoud van de zeef voor de salade.
Verwarm de oven voor op 200 °C. Vet de bakjes goed in en bestrooi ze met paneermeel. Schud het overtollige paneermeel uit de bakjes. Klop de eidooiers goed door de gezeefde puree. Klop de eiwitten in een aparte kom stijf en spatel de bonenpuree luchtig erdoor. Vul de soufflébakjes met de puree. Zet ze op het rooster en bak ze in ca. 18 minuten bruin en gaar.
Meng voor de sladressing in een ruime kom de inhoud van de zeef met de resterende 3 eetlepels olie en 2 eetlepels azijn. Roer er wat water door tot het mengsel de dikte van een dressing heeft. Schep vlak voor serveren de veldsla door de dressing.
Serveer de soufflés in de vorm met de salade ernaast.